HomeActueel'Dankbaar, maar we zijn er nog niet' - #corona debat 11

'Dankbaar, maar we zijn er nog niet' - #corona debat 11

Publicatiedatum: 25 jun. 2020

Bekijk hier de bijdrage van Kees van der Staaij aan het elfde plenaire debat over de coronacrisis. Gehouden op 25 juni 2020.

We hebben de minister van Zorg, van Volksgezondheid gisteren horen zeggen: die strijd tegen het coronavirus kan je eigenlijk vergelijken met de strijd tegen het water. Dat is een mooie vergelijking. Ik moest daarbij terugdenken aan de aanvaarding van de Deltawet, enkele jaren na de ramp van 1953. Toen hield de Kamervoorzitter van destijds, Kortenhorst, een toespraak. Daarin zei hij: Herhaling van zulk een ramp moet in de toekomst naar menselijke berekening onmogelijk worden gemaakt. Ik vond dat wel een mooie formulering. Aan de ene kant alles op alles zetten, je verantwoordelijkheid nemen om het te voorkomen, maar aan de andere kant ook dat "naar menselijke berekening", wat weer laat doorschemeren dat wij mensen niet alles in de hand hebben.

Zo kijken we ook terug op dit eerste deel van deze crisis. Het virus heeft een dikke streep gezet onder onze kwetsbaarheid. Er zijn veel mensen ziek geworden, overleden. Bij veel families ligt dat nog vers in het geheugen. En ook voor zorgverleners was het een heel intense periode. Het is ook goed dat aan hen een bonus wordt gegeven als uitdrukking van grote erkentelijkheid. Wij vinden ook dat er ook een structurele salarisverhoging en positieverbetering nodig is. Maar we denken ook aan alle anderen, in crisisteams. En we denken inderdaad ook aan deze leden van het kabinet en andere, die zich hiervoor ingezet hebben. Dank daarvoor.

En inderdaad; we zijn er nog niet. Maar we zien nu dat het virus gelukkig al behoorlijk is ingedamd, en dat stemt ons dankbaar. Dan zeggen wij ook, met een bekend lied: tel je zegeningen. En we danken ook God daarvoor.

Er zijn flinke versoepelingen per 1 juli, van knellende beperkingen. Dat geeft meer lucht, zoals rond bezoek aan verpleeghuizen. We zijn ook verheugd dat we voor allerlei bijeenkomsten, ook voor kerken, met veel meer mensen bij elkaar kunnen komen; dat onderwerp ligt ons na aan het hart. Maar ik zei het al: we zijn er nog niet. Velen hebben dat gezegd, ook hier vandaag. We moeten alert blijven op heropleving van het virus. Maar we zijn er ook nog niet als het gaat om het weer opheffen van de inperking van vrijheden. De noodverordeningen zijn nog steeds van kracht. De spanning met de Grondwet is er daarmee ook nog steeds. Wanneer worden die noodverordeningen ingetrokken? Hoe gaat het verder met de aangekondigde coronawet?

Ik ga nog één keer terug naar die Deltawet. Niet iedereen was daarvoor. Onder anderen de KVP'er Romme en enkele andere Kamerleden zeiden: die maatregelen zijn nuttig, maar laten we er ook oog voor houden dat de rijksoverheid zich niet te veel bevoegdheden toe-eigent die zij volgens de Grondwet niet heeft; we hebben rechten en vrijheden als dijken in onze Grondwet neergelegd en die moeten we ook beschermen. Ik denk dat dat ook een heel belangrijke opdracht is in het kader van deze crisis. We zullen daar nu bij de noodverordeningen, maar ook bij die coronawet, nadrukkelijk op moeten blijven letten.

Een ingrijpende beperkende maatregel blijft dat afstand houden. Ook voor onze fractie is de vraag: in hoeverre is dat nu op de langere termijn vol te houden in deze fase van de crisis? Hoe proportioneel is het nu nog om dat altijd en overal te eisen? Zou het niet langzamerhand meer een sociale gedragsnorm moeten zijn, in plaats van een in beton gegoten wettelijke regel? Dat is de vraag die ik nadrukkelijk ook nog op tafel wil leggen.

Wat de SGP betreft, moet de overheid terughoudend zijn om vergaand en gedetailleerd vast te leggen wat er wel en niet mag, tot zingen in de kerk aan toe. Laat de overheid een beetje maat houden. Bied ook hier ruimte voor eigen verantwoordelijkheid en maatwerk. Ik mag ervan uitgaan dat het aandringen op voorzichtigheid op het gebied van samenzang reden is voor een goed gesprek tussen minister Grapperhaus en de kerken, volgende week.

Maar — dat vraag ik aan de minister van VWS — dat is hopelijk toch geen reden voor een instructie aan de veiligheidsregio's om ingetogen samenzang te gaan verbieden? Ik zie de minister al nee-schudden. Nou, ik hoop dat dat in woorden ook nog naar voren komt, want er was al even angst voor psalmpolitie. Daarmee zou toch wel echt buiten het grondwettelijke boekje worden getreden. Dus graag een toelichting op dat punt.

Tot slot. We zijn blij dat er allerlei versoepelingen gekomen zijn. We moeten alert zijn op een heropleving van het virus, maar we mogen ook niet langer dan nodig vrijheden van burgers inperken. Daarom eindig ik met de vraag wat het verdere perspectief op verlichting van maatregelen is.