HomeActueelZo'n ingrijpende voermaatregel en dan geen onderbouwing!?

Zo'n ingrijpende voermaatregel en dan geen onderbouwing!?

Publicatiedatum: 31 jul. 2020

Het ministerie van Landbouw kan bij de rechter geen onderbouwing geven voor de voorgenomen voermaatregel. Dat bleek gisteren tijdens een kortgeding. De SGP stelt daarom Kamervragen.

SGP-Kamerlid Roelof Bisschop reageert verontwaardigd: “Geen onderliggende data beschikbaar? Bij zo'n ingrijpende maatregel, die de sector in het hart raakt? Dat kan toch niet waar zijn? En hoe moet het Planbureau voor de Leefomgeving dan het effect van deze maatregel vergelijken met de voorstellen vanuit de sector zelf?”

Het ministerie wil alsnog met onderbouwing komen en de voermaatregel per 1 september in laten gaan. Bisschop: "Ik denk dat het uiterst onzorgvuldig zou zijn om de maatregel tóch per 1 september dwingend op te leggen. Laat het ministerie eerst maar eens een transparante en verifieerbare doorrekening aanleveren."

Stichting Stikstofclaim (SSC) en Agrifacts (Staf) die het kortgeding hadden aangespannen tegen het ministerie, vinden ook dat de maatregel moet worden uitgesteld.

Schriftelijke vragen van het lid Bisschop (SGP) n.a.v. rechterlijke uitspraak inz. voorgenomen veevoermaatregel (ingediend 31 juli 2020):

1. Is het u bekend dat de rechter op 30 juli jl. geen uitspraak heeft gedaan in het kort geding dat Stichting Stikstofclaim (SSC) en Agrifacts (Staf) tegen het ministerie van LNV heeft aangespannen inzake de onderbouwing van de voermaatregel (kijk ook hier)?
2. Klopt het dat de data die geleid hebben tot de voorliggende maatregel op dit moment niet beschikbaar zijn?
3. Realiseert u zich dat de daarop gebaseerde ministeriële regeling tot grote onrust in de agrarische sector heeft geleid?
4. Deelt u de mening dat gelet op de wettelijke voorwaarde dat de regeling geen significant negatieve gevolgen mag hebben voor diergezondheid en dierenwelzijn de regeling goed en transparant onderbouwd moet zijn en dat dit nu niet het geval is?
5. Hoe waardeert u de analyse van dierenartsen organisatie KNMvD dat ook na nader overleg met uw ministerie en eventuele flexibilisering van de regeling zij constateert dat er sprake blijft van veterinaire risico's?
6. Bent u het met de vragensteller eens dat een dergelijke maatregel verifieerbaar moet zijn, zowel door betrokkenen als belangstellende organisaties?
7. Wat is de oorzaak dat dit in dit geval niet mogelijk blijkt te zijn?
8. Welke stappen gaat u ondernemen om verificatie door betrokkenen of andere instanties alsnog mogelijk te maken?
9. Bent u bereid om de invoering van de beoogde voermaatregel uit te stellen totdat belanghebbenden de onderliggende data van deze maatregel hebben kunnen verifiëren?
10. Bent u bereid om deze vragen, gezien de beoogde ingangstermijn van de betreffende ministeriële regeling, binnen een week te beantwoorden?