2 februari 2026
Jeugd, gezin en duurzame relaties
De Tweede Kamer sprak op maandag 2 februari tijdens een wetgevingsoverleg over jeugd. Namens de SGP sprak Chris Stoffer. Zijn bijdrage aan het debat is hieronder te lezen.
Gezinnen vormen de ruggengraat van een goede samenleving. Het opgroeien in een stabiel gezin vergroot aanzienlijk de kans op een evenwichtige persoonlijke ontwikkeling. Omgekeerd zijn veel individuele en maatschappelijke problemen te herleiden tot het gebrekkig functioneren van gezinnen. Gezonde gezinnen zijn dus van groot belang voor ons allemaal.
De SGP juicht het toe dat het kabinet jeugdzorg stapje voor stapje lijkt te verbreden naar gezinszorg. Ik zie dat terug in de routekaart die de staatssecretaris vorige week heeft gepresenteerd. Meer kijken naar de oorzaken van jeugdhulp en de context van gezinnen. De ontwikkeling van een ‘Sociale agenda voor Nederland’. Het kabinet zet in op een sterke sociaalpedagogische basis, wil stevige lokale teams die zelf hulp bieden en wil het aanvullende jeugdhulp terugdringen. Ook wordt er hard gewerkt aan het afbakenen van de jeugdhulpplicht. Van harte steun hiervoor!
Gezinswerkers
Een mooi voorbeeld van een effectieve preventieve aanpak is de gemeente Kampen. Kampen maakt gebruik van gezinswerkers. Zij voeren de eerste gesprekken met gezinnen om hun vragen en zorgen te verkennen. Ook kunnen gezinswerkers ouders ondersteunen om zelf oplossingen te vinden. Gezinswerkers hebben een vrije rol en kijken nadrukkelijk breder dan alleen naar jeugdhulp. Als een kind zich meldt, is niet de eerste vraag: ‘Wat voor hulp heb je nodig’, maar bijvoorbeeld: ‘Doe je eigenlijk aan sport of ben je lid van een vereniging?’ De gezinswerkers blijken ook financieel een succesvolle businesscase
- Kan de staatssecretaris deze aanpak breder onder de aandacht te brengen?
- Gemeenten houden een sleutelpositie, maar welke rol kan de staatssecretaris spelen via het faciliteren van leernetwerken of andere vormen van kennisdeling?
Schoolmaatschappelijk werk
Ook de laagdrempelige inzet van schoolmaatschappelijk werk blijkt een belangrijke sleutel om vroegtijdig op te kunnen treden. Dit werd in veel gemeenten gefinancierd vanuit de tijdelijke gelden vanuit het Nationaal Programma Onderwijs
- Als het kabinet wil inzetten op een sterke sociale basis, is het dan ook bereid om hier structureel in te investeren?
Jeugd- en gezinsaanpak
Vorig jaar werd mijn motie aangenomen die verzocht om een samenhangende jeugd- en gezinsaanpak op te stellen vóór de behandeling van deze jeugdbegroting.
- Hoe staat het hiermee? Ik heb helaas bij de stukken geen expliciete uitwerking hiervan teruggevonden. Pakt de staatssecretaris dit alsnog op of wordt dit meegenomen in de routekaart?
Agenda voor het Hart
De ‘Agenda voor het Hart’, een netwerk van experts en organisaties, heeft een prachtig rapport geschreven over het versterken van liefdevolle en veilige partnerrelaties in Nederland. Duurzame relaties zijn niet alleen een privézaak, maar ook een publieke waarde waar de samenleving zorg voor draagt. Als relaties sterk zijn, bloeien mensen op. Als relaties breken, zien we dat overal in de samenleving terug.
- Ik vraag de staatssecretaris te reageren op de analyse en daarbij expliciet in te gaan afzonderlijke aanbevelingen van de ‘Agenda voor het Hart’.
Een van de aanbevelingen is om relaties te erkennen als beleidsdomein, zodat hiervoor ook preventieve maatregelen getroffen kunnen worden. Feitelijk gebeurt dit lokaal ook op veel plaatsen al. Veel gemeenten hebben een lokale aanpak voor relatie- en/of scheidingsproblematiek.
- Hoe kijkt de staatssecretaris hiernaar als stelselverantwoordelijk vanuit het wettelijk kader van de Jeugdwet en bijvoorbeeld ook de Wet publieke gezondheid?
De Agenda voor het Hart benoemt ook de maatschappelijke kosten van verbroken en gebroken relaties en stelt voor om dit meer in kaart te brengen. Dat kan bijvoorbeeld door de kosten op casusniveau in kaart te brengen (waar Significant Public in 2020 al een aanzet toe gaf).
- Welke rol ziet de staatssecretaris voor zichzelf weggelegd bij dergelijk onderzoek?
We vinden het heel normaal dat mensen periodiek naar de sportschool gaan of gebruik maken van een leefstijlcoach.
- Maar hoe maken we het net zo gewoon om aan je relatie te werken als aan je conditie?
- Waarom voelt relatiehulp voor veel mensen nog steeds als een laatste redmiddel in plaats van periodiek onderhoud?
- Kortom, wat kan de overheid doen om relationele fitness te normaliseren?
Identiteitsgebonden zorg
De Jeugdwet bepaalt dat gemeenten bij het bepalen van de aangewezen vorm van jeugdhulp redelijkerwijs rekening moeten houden met de godsdienstige gezindheid en de levensovertuiging van de jeugdige en zijn ouders (Artikel 2.3, vierde lid) Ook lokale jeugdverordeningen is dit geborgd. In de praktijk blijkt dat gemeenten echter nauwelijks zicht hebben op de manier waarop dit wettelijk recht wordt uitgevoerd.
- Is de staatssecretaris bereid om samen met de VNG een handreiking op te stellen voor gemeenten hoe zij bij de indicatiestelling daadwerkelijk rekening kunnen houden met de godsdienstige gezindheid en levensovertuiging van gezinnen?
Ondertoezichtstelling ongeboren leven
De SGP vraagt aandacht voor ondertoezichtstellingen bij ongeboren kinderen.
Uit recent onderzoek blijkt dat die mogelijkheid internationaal gezien uitzonderlijk is. Er zijn slechts twee andere landen waar dit kan. Ook het aantal ondertoezichtstellingen is in Nederland hoog. In andere landen is gedwongen ingrijpen zeldzaam, maar in Nederland gebeurt het honderden keren per jaar.
Eerdere publicaties gaven bovendien aan dat de wetgever meer rechtszekerheid zou moeten bieden door een duidelijke wettelijke basis, bijvoorbeeld als het gaat om de wekengrens. Juist in Nederland ontbreekt een duidelijke regeling.
- Zou een regeling voor jeugdbescherming en ook strafrecht gelet op de onderzoeken en adviezen niet wenselijk zijn?
- Zouden vrijwillige maatregelen niet vaker actiever mogelijk gemaakt moeten worden, zowel voor de moeder als voor het kind?
Oog voor jeugdbeschermers
Ik wil tot slot de schijnwerpers richten op de uiterst belangrijke positie van jeugdbeschermers. De overheid draagt een bijzonder zware verantwoordelijkheid bij het ingrijpen in gezinnen. De jeugdbeschermers zijn dus eigenlijk onze elitetroepen. Helaas ervaren zij dat niet zo en staan ze onder grote druk. Hun verantwoordelijkheid is zwaar, het ziekteverzuim hoog en de uitval ook. Dat betekent onvermijdelijk ook iets voor de kinderen en hun ouders. Soms wachten 100 kinderen op een jeugdbeschermer zonder in beeld te zijn. Als we jeugdbeschermers echt verder willen helpen, mogen we ons niet beperken tot de caseload, maar zullen we ook naar hun rechtspositie moeten kijken. Veel jeugdbeschermers kiezen een andere baan omdat ze daar meer verdienen. In het onderwijs of bij gemeenten krijg je al snel meer salaris.
- Denkt de staatssecretaris ook dat een exclusieve, aantrekkelijke positie van de jeugdbeschermer in de CAO een belangrijke rol kan vervullen?