24 oktober 2016

Laarzen voor Van Dam

Van Dam heeft in het derogatiedossier de Brusselse kous op de kop gekregen. Wij proberen hem al lange tijd aan te sporen actief te lobbyen en met een totaalpakket te komen. Dat deed hij niet en het lijkt erop dat hij geen nieuw plan heeft. Ik geef hem graag tien actiepunten mee waar hij als de wiederweerga z’n laarzen voor aan moet trekken.

  1. Wie op voorhand zegt dat de derogatie niet verdiend is, graaft zijn eigen graf. Nederland heeft een goed verhaal. Daarmee moet Van Dam Europa afreizen.
  2. Verlies het doel niet uit het oog. Het gaat in de Nitraatrichtlijn en bij het Nitraatcomité om de waterkwaliteit . Dat biedt perspectief. Fosfaatplafond en fosfaatrechten doen daar niets aan. Maak snel werk van een stevig actieprogramma voor betere waterkwaliteit. Alleen dan laat je zien dat je geen plafonds en rechten nodig hebt.
  3. Laat zien dat onze derogatie dik verdiend is. Alle politieke spelletjes ten spijt, geeft de Nitraatrichtlijn recht op derogatie als je kunt aantonen dat daardoor de waterkwaliteit niet verslechterd. En dat kunnen we. Derogatiebedrijven scoren niet slechter dan bedrijven zonder derogatie. Zonder derogatie is juist het risico groot dat bedrijven grasland omzetten in maïsland. Dán krijg je pas meer uitspoeling van nitraat en fosfaat. Zit het milieu te wachten op meer kunstmest en minder organische stof in de bodem? Integendeel.
  4. Schoei het actieprogramma op een nieuwe leest. Generieke aanscherping van gebruiksnormen werkt niet. Het put alleen maar de bodem uit. Op veel plekken wordt de waterkwaliteit gemeten. Al die gegevens worden nu alleen maar gebruikt om een gele of rode kaart te trekken. Een gemiste kans. Deze metingen laten juist zien dat we op veel plekken geen probleem hebben. Laten we metingen gebruiken om te kijken bij welke percelen er problemen zijn. En dáár maatregelen nemen.
  5. Niemand is gebaat bij onbegrensde groei van de melkveestapel, ook in 2017 niet. Van Dam moet het crisisbudget vanuit Brussel (€23 miljoen) aanvullen, en inzetten voor reductie van de fosfaatproductie in 2017, bijvoorbeeld via een stoppersregeling.
  6. Pas de grondgebondenheidseisen aan. Verschillende melkveebedrijven werken samen met akkerbouwers in de buurt. Mest gaat naar die grond. Daar komt ruwvoer voor terug. Dat moet ook meetellen. De grondgebondenheidseisen kunnen dan aangescherpt worden.
  7. Laat aan Brussel zien dat we geen structureel probleem hebben. Wageningse analyses zeggen dat de fosfaatproductie over enkele jaren weer gaat dalen. Door onder meer de grondgebondenheidseisen, minder jongvee en stoppende bedrijven.
  8. Export van fosfaat(korrels) naar fosfaatarme landen moet niet langer meetellen voor het fosfaatplafond. Die export was er in 2002 nog niet. Ons ‘probleem’ is juist de oplossing voor landen met een tekort.
  9. Als sluitstuk om onbegrensde groei te voorkomen kan, als Brussel dat perse wil, een tijdelijk fosfaatrechtensysteem ingevoerd worden. Als export van fosfaatkorrels en incidentele pieken in de fosfaatproductie niet meetellen voor het plafond kan dit rechtensysteem zonder korting en met een oplossing voor knelgevallen ingevoerd worden. Het systeem verdwijnt zodra duidelijk is dat Nederland structureel onder het plafond blijft.
  10. Tot slot. Zorg voor een betere prijs en lagere kosten. Een groter deel van de (melk)prijs moet bij de boer terechtkomen. De BTW vrijstelling moet blijven, de rode diesel terugkomen.

Elbert Dijkgraaf, Tweede Kamerlid SGP

{snippets_21}