2 juli 2014

Participatiedebat

Debat over een nadere uitwerking van het begrip participatiesamenleving

Wij doen het hier al, zei de burgemeester van Oldebroek, toen ik daar op bezoek was in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen. De participatiesamenleving noemen we hier ‘Oldebroek voor Mekaar’.

Gelukkig is het inderdaad zo dat overal in ons land burgers in actie komen als vrijwilliger, als mantelzorger. Talloze kerken en verenigingen maken dagelijks werk van omzien naar elkaar. Heel veel ondernemers dragen hun steentje bij, daar hebben ze de overheid niet voor nodig. Maar hoe kan de overheid wel een steentje bijdragen? Loslaten, ruimte geven, obstakels weghalen, aanmoedigen, waarderen, steun in de rug geven. En natuurlijk kwetsbare mensen beschermen die ook met steun vanuit de samenleving onvoldoende zelfredzaam zijn.  Hoe gaat het kabinet gemeenten concreet ondersteunen bij de grote opgaven die eraan komen?

Ik gebruik graag het voorbeeld van Oldebroek. Daar zijn ze hard aan de slag om het groen, de straat, het dorpshuis, de gymzaal terug te geven aan de bewoners van het dorp. Daar zijn ze druk bezig om de samenleving meer verantwoordelijkheid te geven op terreinen waar de overheidsbemoeienis altijd groot is geweest. Speelterreinen worden door de buurt overgenomen. Dorpen beslissen mee bij over het groen in het dorp. Er wordt gesnoeid in de kapverordening en in de welstandstoets, Prachtig. Mijn vraag aan de minister-president is: wilt u hier de helpende hand bieden door eventuele Haagse obstakels weg te halen? In Oldebroek en andere plaatsen wordt er regelmatig gestuit op lastige Haagse regels. Kan de rijksoverheid dan na zo’n melding binnen twee weken klip en klaar antwoorden op de vraag hoe het zit, en binnen vier weken zorgen dat onnodige regels buiten toepassing kunnen worden verklaard? Ongetwijfeld zijn er regels die zich hiertegen verzetten:  zou het niet een idee zijn om een experimentbepaling participatiesamenleving vast te stellen, die dit wel mogelijk maakt: snelle oplossingen voor concrete knelpunten?

Ruimte geven aan de samenleving wordt als theorie vaak omarmd, maar vraagt van de politici wel oefening in nederigheid en zelfbeheersing. Goedbedoelde regels en kwaliteitsnormen kunnen merkwaardig uitpakken. Zo is het in Nederland verboden om met een groepje ouders elkaars kinderen op te vangen, want dan moet je aan alle eisen voldoen. Met alle kosten en rompslomp die daarbij horen. Is het geen tijd om dit soort rare regels uit de wereld te helpen? Wetten en regels die burgers ontmoedigen om voor elkaar te zorgen, je zou ze eens op moeten tellen. Het kabinet zou er verder goed aan doen daar eens kritisch naar te kijken. Ze  verhinderen dat burgers zelfstandig initiatieven nemen. De WRR heeft inmiddels in het rapport “Hoe ongelijk is Nederland” de alarmbel geluid over de positie van eenverdienersgezinnen. Volgens de WRR zijn zij hard op weg een kwetsbare groep te worden. Ouders die voor hun gehandicapte kind zorgen, of mantelzorg voor een oude vader verlenen, worden daarvoor fiscaal gestraft. De WRR vindt dat bestaande en nieuwe individugerichte beleidsmaatregelen doorgelicht moeten worden op het effect dat ze sorteren voor huishoudinkomens. Wil de regering dit doen en met een grondige reactie op dit zorgpunt komen? Dat zou helpen, en niet alleen in Oldebroek.