9 maart 2026

Versterk Europa vooral via NAVO en coalities, niet via EU

SGP-parlementariërs Diederik van Dijk (Tweede Kamerlid) en Bert-Jan Ruissen (Europarlementariër) schreven een opiniestuk over onze veiligheid. Dit stuk verscheen op vrijdag 7 maart in het Reformatorisch Dagblad en is ook hieronder te lezen.

In reactie op internationale crises klinkt vaak de roep om verdere EU-integratie, alsof uitbreiding van EU-bevoegdheden al onze problemen oplost. Voor onze veiligheid zet de SGP in op de NAVO en op flexibele coalities van bereidwillige landen bij concrete crises.

Rusland voert al vier jaar een agressieoorlog tegen Oekraïne, Trump creëert onzekerheid over de NAVO en de positie van Europese staten staat onder druk in een snel veranderende wereld. Tegen die achtergrond zetten de Franse president Emmanuel Macron en Eurocommissaris voor Defensie Andrius Kubilius in op een Europees leger. In eigen land spant het kabinet-Jetten zich in voor het afschaffen van het vetorecht van lidstaten in het buitenlandbeleid van de Europese Unie.
De SGP heeft zich altijd verzet tegen het idee van een EU-defensie en is er nog altijd niet van overtuigd dat deze sterker en slagvaardiger is dan het huidige NAVO-bondgenootschap. Europese veiligheid is in tijden van geopolitieke onzekerheid niet gebaat bij Brusselse oogkleppen, maar bij brede en realistische samenwerking.

De EU is opgebouwd als een organisatie waarin besluiten gelden voor alle 27 lidstaten. Daardoor zitten alle regeringen aan tafel als er een besluit moet vallen. De ervaring leert dat er vrijwel altijd dwarsliggers zijn, de laatste jaren vooral Hongarije en Slowakije. Soms met goede redenen, maar ons punt is duidelijk: hoe kan zo’n organisatie ooit snel beslissen over oorlog en vrede? Daar is deze bureaucratische organisatie simpelweg niet voor bedacht, niet voor bedoeld en niet op voorbereid.

Gezamenlijke slagkracht
De NAVO daarentegen beschikt over een ervaren structuur voor snelle actie, met eigen commandocentra in het Belgische Bergen, het Nederlandse Brunssum, het Italiaanse Napels en andere locaties. Bij een aanval op één bondgenoot schieten alle NAVO-landen te hulp. Maar hóe dat wordt gedaan, mag een land zelf bepalen.

Draaiboeken liggen klaar, maar elk land blijft verantwoordelijk voor de inzet van eigen militairen, materiaal en methodes. Dit respecteert de nationale soevereiniteit en doet recht aan de uiteenlopende belangen van landen, die juist in crisistijd scherper zichtbaar worden.

Het NAVO-bondgenootschap is door deze flexibele opzet slagvaardiger dan de EU. Het heeft bovendien meer lidstaten dan de Europese Unie, waardoor de gezamenlijke slagkracht groter is. We hebben meer slagkracht samen met het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, Canada, Noorwegen en het omvangrijke leger van Turkije. Ook landen als Zuid-Korea, Japan, Nieuw-Zeeland en Australië verdiepen hun samenwerking met NAVO-bondgenoten. Daarnaast is Israël een partner van belang voor met name defensietechnologie en terrorismebestrijding.

De SGP verzet zich tegen het idee van een EU als militaire schaduwalliantie. In plaats van nieuwe structuren op te tuigen, kiest de partij voor het beproefde model van coalities van bereidwillige landen: onder NAVO-vlag waar mogelijk, zoals in het Arctisch gebied rond Groenland en de noordpool, en waar nodig in bredere coalities, zoals bij de steun aan Oekraïne en de strijd tegen IS.

Aanvullende coalities
Een goed voorbeeld van een flexibele coalitie die zowel NAVO-ondersteunend
kan opereren als zelfstandig kan worden ingezet, is de Joint Expeditionary Force (JEF). Dit is een door Groot-Brittannië geleid militair samenwerkingsverband van inmiddels tien Noord-Europese landen, waaronder Nederland. Of neem het European Sky Shield Initiative (ESSI), waarin Nederland onder leiding van Duitsland en Finland met een groot aantal NAVO-bondgenoten samenwerkt op het gebied van luchtverdediging. Europese landen kunnen zelf verantwoordelijkheid en leiding nemen in hun eigen regio, zonder dat dit via de EU gecoördineerd hoeft te worden.

Allesbehalve overbodig
De NAVO is in haar geschiedenis al vaker ”overbodig” genoemd of ”hersendood” verklaard. Dit vanwege vermeend gebrek aan strategische coördinatie, achterblijvende investeringen of onvoorspelbaar gedrag van bondgenoten. Inderdaad heeft Trump Europa militair op zichzelf teruggeworpen: we moeten ons continent beter kunnen verdedigen. Want als de VS bij een crisis, bijvoorbeeld rond Taiwan, snel hun troepen naar Azië verplaatsen, zijn wij acuut kwetsbaar.
Toch blijven de Verenigde Staten Europa’s bondgenoot die het meeste gewicht in de schaal legt. Zoals NAVO-topman Mark Rutte recent benadrukte, is geloofwaardige afschrikking zonder de VS een illusie, zeker op korte termijn. Sinds de NAVO-top in Den Haag nemen bondgenoten concrete stappen om hun krijgsmachten op orde te krijgen. De NAVO is allesbehalve ”hersendood”. Sinds de oprichting heeft de alliantie talloze crises doorstaan en zich telkens aangepast aan veranderde omstandigheden. De NAVO is en blijft de hoeksteen van de Europese veiligheid.

Wat de EU wél kan
De EU kan wel bijdragen aan de veiligheid van het continent door zich op haar eigen kerntaken te richten. We denken daarbij concreet aan het ondersteunen van de lidstaten met een vlot en vrij verkeer van personen, goederen en diensten. Dat geldt ook onze legers, die snel door Europa moeten kunnen reizen als de nood aan de man komt. Brussel pakt dat al op via de recente EU-strategie voor Militaire Mobiliteit, waarbij grensoverschrijdende militaire verplaatsingen nu met één vergunning kunnen worden geregeld. Dat bespaart veel tijd en bureaucratie.
De Europese Unie kan bovendien investeringen in de defensie-industrie steunen. Bijvoorbeeld door grote orders van nationale landen te coördineren, zowel voor de ontwikkeling als de productie. Zulke grote orders zijn positief voor het toekomstperspectief van de defensie-industrie én voor de Europabrede standaardisering van het materiaal. Als SGP hebben we altijd al de meerwaarde hiervan ingezien, maar dit raakt wel aan de grens van wat de EU kan en moet doen op militair gebied.

Geen experimenten
Het is duidelijk dat we huiswerk hebben om onze defensie snel en krachtig te versterken. Maar die versterking kan beter plaatsvinden binnen de bestaande structuren van de NAVO én via flexibele coalities van bereidwillige landen dan via EU-samenwerking. De bureaucratie van Brussel biedt geen beter alternatief om ons continent te verdedigen. De ervaring leert dat de belangen van lidstaten altijd uiteenlopen en juist in oorlogstijd kunnen we ons geen vertraging of verdeeldheid permitteren. De EU is sterk in economische projecten en moet zich daartoe beperken. De huidige dreigingen zijn te ernstig voor experimenten met onze veiligheid.